Jaap Nieuwenhuize



De discussie over een kringlooplandbouw kreeg door de recente plannen van minister Carola Schouten een impuls. Nieuw is die discussie bepaald niet. Landbouweconoom Jaap Nieuwenhuize (1946) plaatste zijn hele werkzame leven kanttekeningen bij de schaalvergroting en intensivering van de Nederlandse landbouw, gericht op bulkproductie voor de wereldmarkt.

Als lid van het Dagelijks bestuur van het Landbouwschap voor de Voedingsbond FNV (1981 – 1987) zat hij er bovenop. Varkens werden hier gemest en in Italië verwerkt tot dure hammen. Vergrote melkproductie leidde tot boterbergen. Het Europees landbouwbeleid vroeg miljarden subsidies. Nederland kwam om in de mestoverschotten. Kon dit zo verder? Samen met Jan Douwe van der Ploeg pleitte Nieuwenhuize voor een ander economisch verdienmodel.

Als internationaal secretaris (1989-1993) van de in Brussel gevestigde vakbondssecretariaat ECF-IUL werd Nieuwenhuize geconfronteerd met de dynamiek van ‘Europa’: economische stroomlijning van transnationale concerns, loonconcurrentie tussen landen, flexibilisering van de arbeid. Hoe kan de internationale vakbeweging tegenwicht bieden? Jaap laat er zijn gedachten over gaan.

Jaap Nieuwenhuize werd als ambtenaar bij LNV (1993-2003) projectleider van een interdepartementale werkgroep die zich bezig hield met verliesnormen voor nitraat en fosfaat. Hij schreef mee aan de Voedselnotitie met het oog op het Wereldvoedselvraagstuk en droeg ideeën aan voor ‘landbouwbeleid in transitie’. Een uiterst actueel vraagstuk.

Dit boek plaatst de lezer middenin de nog steeds voortdurende discussie over de ontbrekende sociale dimensie van Europa en de ecologische grenzen van de landbouwproductie.

Utjefte Bornmeer, priis € 25,-.   

Klik hier om het boek te bestellen

Toespraak bij uitreiking
Jaap Nieuwenhuize is een oud-collega van mij. Hij had graag zijn levensverhaal op papier gezet, vooral voor zijn kinderen. Hij kwam er door zijn parkinson niet aan toe. Ik heb Jaap aangeboden te helpen. We zijn samen naar Hendrik Ido Ambacht geweest, hebben zijn broer en zussen gesproken, en verder met Jan Douwe van der Ploeg, Henk Ligtenberg en ook, in Groningen, met Cees Schelling. Er kwam echter ook het moment dat ik – heel klassiek – vooral archiefwerk moest doen.

Lees hier de hele toespraak