Fietje Kwaak, een vrouw die de Nazi’s om de tuin leidde

Begin 2016 ontving het IISG van Bertus Mulder het archief betreffende zijn onderzoek naar het leven van Fietje Kwaak. Het archief is 0.87 m. groot (http://hdl.handle.net/10622/ARCH04388). Mulder publiceerde in 2015 De nazi’s te slim af zijn. Sophie Louisa Kwaak en het kapitaal van de Frankfurter Schule. Sophie Kwaak is geboren in een protestants gezin in het dorp Oosterland op Schouwen-Duiveland. In 1916 ging zij een opleiding volgen aan de Rijkskweekschool voor Onderwijzeressen in Apeldoorn. Ze maakte deze studie niet af en ging in Rotterdam als stenotypiste op een handelskantoor werken. In 1933 nam zij een besluit dat voor haar verdere leven van grote betekenis was. In 1933 veranderde Fietje Kwaak van baan en werd zij directiesecretaresse van de Rotterdamsche Belegging- en Beheermaatschappij N.V. Robema, een bedrijf dat, onder leiding van de Joodse Duitser Arthur Erich Nadel, het kapitaal van de Joodse familie Weil uit Duitsland beheerde. In 1932 bracht deze familie, rijk geworden in de graanhandel, haar kapitaal over naar Nederland.

Ook het door hen gefinancierde Institut für Sozialforschung, ook wel aangeduid als de Frankfurter Schule, vertrok uit Duitsland naar Genève en uiteindelijk via Parijs naar de Verenigde Staten. Ook hun kopstukken Theodor Adorno, Erich Fromm, Max Horkheimer en Herbert Marcuse verlieten Duitsland. Nadel zorgde er intussen voor dat er na 1935 geen aanwijsbare relatie meer bestond tussen het door hem beheerde kapitaal en de familie Weil. Een geanonimiseerde administratie maakte de identificatie van de rekeningen onmogelijk. In februari 1939 vertrok Nadel naar de Verenigde Staten. Fietje Kwaak benoemde hij tot waarnemend directeur. Het bombardement op Rotterdam en de daarop volgende stadsbrand verwoestte uiteindelijk het bedrijfspand. Maar Fietje kon spullen redden en van de chaotische situatie gebruik maken om belastend materiaal te verdonkeremanen. Fietje, die in nauw contact stond met Nadel, rekte tijd en wist het resterende kapitaal uit Duitse handen te houden. Robema ging in 1948 in liquidatie. Tot 1964 waren Nadel en Fietje Kwaak daarmee belast. Na de bevrijding ging Kwaak als directiesecretaresse werken bij het accountantskantoor Price Waterhouse in Den Haag. Zij overleed In Rotterdam op 5 oktober 1990. Wat zit er nu in het archief van Fietje Kwaak? Of beter geformuleerd in het archief van Bertus Mulder die onderzoek deed naar Fietje?

Er is origineel archief van Fietje Kwaak. Mulder ontving via de familie een koffer met ordners en mappen. Kern hiervan is de correspondentie tussen Arthur Nadel en Fietje Kwaak. Maar ook Fietje haar privécorrespondentie is bewaard gebleven. Bovendien zijn er ook originele financiële stukken van de N.V. Robema bewaard gebleven. Daarnaast is er het onderzoeksarchief van Mulder. Dit bevat veel fotokopieën. Mulder beschreef het leven van Fietje maar besteedde veel aandacht aan de contacten van Nadel met de kopstukken van de Frankfurter Schule, in het bijzonder met de Joods-Duitse socioloog en filosoof Max Horkheimer. Horkheimer verliet kort na de Machtsübernahme Duitsland en liet Europa snel achter zich. Nadel verbleef van 1932 in Nederland en vertrok pas in 1939 naar overzee. Beide heren correspondeerden in de periode 1932-1939. Ook bevat het onderzoeksarchief van Mulder stukken die aansluiten bij Mulder’s eerdere boek Andries Sternheim. Een Nederlands vakbondsman in de Frankfurter Schule (see On the Waterfront no. 28 (2014), p. 13-14. (BHi)

© Bouwe Hijma, IISG, oktober 2016